Heimweh

noun
homesickness
B1

Heimweh betekent ‘heimwee’ of ‘verlangen naar huis’. Het is een onzijdig, niet-telbaar zelfstandig naamwoord zonder meervoud. Je zegt vaak Heimweh haben. Het staat geregeld met nach + datief, bijvoorbeeld Heimweh nach der Heimat.

Voorbeelden

Nach drei Monaten im Ausland bekam sie Heimweh.
Na drie maanden in het buitenland kreeg ze heimwee.
Wenn man lange von zu Hause weg ist, bekommt man manchmal Heimweh.
Als je lang van huis weg bent, krijg je soms heimwee.
Als die Studentin im Ausland war, hatte sie Heimweh, weil die Familientraditionen und Freunde fehlten.
Toen de studente in het buitenland was, had ze heimwee omdat de familietradities en vrienden ontbraken.

Details

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativedas Heimwehnot applicable
genitivedes Heimwehsnot applicable
dativedem Heimwehnot applicable
accusativedas Heimwehnot applicable

Ezelsbruggetjes

👁️Picture a suitcase with a small sad heart sticker to represent longing for home.
👂Sounds like 'home-way' — a way back to home, i.e., longing for home.
⚧️das (neuter) — imagine 'das Haus' (a house) as a neutral object connected to home.

Opmerkingen

Often uncountable in German; commonly used without a plural. Expresses the feeling of missing home. | Mass noun/singular-only; plural declension forms are not applicable.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek