adjective
afhankelijk, verslaafd, gebonden
B1
abhängig is een bijvoeglijk naamwoord en betekent „afhankelijk”, „gebonden aan” of in sommige contexten „verslaafd”. Het staat meestal met von + datief: abhängig von etwas. Trapvorming: abhängiger, am abhängigsten. Tegenstelling: unabhängig. Gebruik zowel attributief als predicatief.
Voorbeelden
Wir sind in dieser Region stark abhängig von sauberem Trinkwasser.
In deze regio zijn we sterk afhankelijk van schoon drinkwater.
Die Firma war abhängig von den Lieferungen, weil ohne Teile die Produktion stehen blieb.
Het bedrijf was afhankelijk van de leveringen, omdat zonder onderdelen de productie stilviel.
Er ist finanziell abhängig von seinen Eltern.
Hij is financieel afhankelijk van zijn ouders.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je iemand voor die letterlijk aan een ander hangt voor steun — dat beeld past bij «abhängig» (afhankelijk).
Denk aan 'a-hang-ig' — alsof iemand 'hangt', wat aan 'afhankelijk' doet denken.
Opmerkingen
Wordt vaak gebruikt met «von» + datief (abhängig von). Kan neutraal «afhankelijk» betekenen (bijv. financieel afhankelijk) of in een meer klinische context «verslaafd» (abhängig von Drogen/Zigaretten). Vergelijkbaar in graad (bijv. sehr abhängig). Veelvoorkomende combinatie: «abhängig sein (von)».