adjective
stil, zacht, rustig
A1
leise is een bijvoeglijk naamwoord en ook een bijwoord met de betekenis “zacht, stil, zachtjes”. Vergelijking: leiser, am leisesten. Tegenstelling: laut. Je gebruikt het vaak bij geluid, stem of beweging: leise spreken = zacht praten.
Voorbeelden
Bitte sei leise, das Baby schläft.
Alsjeblieft, wees stil, de baby slaapt.
Das Radio wurde leise gestellt, als die Kinder ins Bett gingen.
De radio werd zachter gezet toen de kinderen naar bed gingen.
Der Ventilator ist heute sehr leise.
De ventilator is vandaag heel stil.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je iemand voor die stil op zijn tenen door een kamer loopt.
klinkt als «lay-zuh» -> stel je voor dat iemand rustig gaat liggen.
Opmerkingen
Vergelijkbaar bijvoeglijk naamwoord: «leiser», «am leisesten». Kan het geluidsniveau of volume beschrijven.