noun
groet, groeten
A1
Gruß is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent ‘groet’ of ‘groeten’. Enkelvoud: der Gruß; meervoud: die Grüße. Heel gebruikelijk in briefafsluitingen zoals mit freundlichen Grüßen, waar mit de datief meervoud vraagt. Ook gebruikt om iemand groeten te sturen.
Voorbeelden
Er schickte ihr einen herzlichen Gruß.
Hij stuurde haar een hartelijke groet.
Viele Grüße aus Berlin!
Hartelijke groeten uit Berlijn!
Ich schicke dir einen Gruß.
Ik stuur je een groet.
Details
Ezelsbruggetjes
stel je voor dat je zwaait als begroeting
Gruß ~ ‘grouse’ (niet verwant) — denk aan ‘greetings’
der Gruß — stel je een man voor die formeel groet (der)
Opmerkingen
Gebruikt in brieven en gesproken begroetingen. Meervoud: Grüße (met umlaut).