Gruppe

noun
groep
A1

Gruppe is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Gruppe, met de betekenis „groep” van mensen of dingen. Meervoud: Gruppen. Regelmatige verbuiging met -n in het meervoud. Veel gebruikt in sociale, werk- en wetenschappelijke contexten.

Voorbeelden

Die Touristin schloss sich einer Gruppe an, die den Berg bestieg, weil sie die Landschaft sehen wollte.
De toeriste sloot zich aan bij een groep die de berg beklom, omdat ze het landschap wilde zien.
Die Gruppe arbeitet am Projekt.
De groep werkt aan het project.
Ich bin in einer Gruppe.
Ik zit in een groep.

Details

MeervoudGruppen

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativedie Gruppedie Gruppen
genitiveder Gruppeder Gruppen
dativeder Gruppeden Gruppen
accusativedie Gruppedie Gruppen

Ezelsbruggetjes

👁️stel je meerdere mensen voor die samen als groep staan
👂Gruppe ~ ‘group’ (heel dicht bij elkaar in klank)
⚧️die Gruppe — denk aan ‘die’ voor een verzameling of kring

Opmerkingen

Vrouwelijk zelfstandig naamwoord. Meervoud: Gruppen.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek