conjunction
hoe ... hoe ..., des te ...
B1
desto hoort bij de correlatieve vergelijking je ... desto ... en betekent ‘hoe ... des te ...’. Het verbindt twee vergelijkende zinnen: in de eerste staat je, in de tweede desto. Het is geen voorzetsel of werkwoord; de woordvolgorde volgt bijzinsregels.
Voorbeelden
Je länger das Projekt dauerte, desto schwieriger wurden die Entscheidungen, weil das Team weniger Ressourcen hatte.
Hoe langer het project duurde, hoe moeilijker de beslissingen werden, omdat het team minder middelen had.
Je mehr er übt, desto besser wird er.
Hoe meer hij oefent, hoe beter hij wordt.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je twee stijgende balken voor: «je mehr» (de eerste) en «desto mehr» (de tweede) om oorzaak en gevolg te verbinden.
Koppel het aan «je ... desto» — denk aan «desto» als «hoe meer».
Opmerkingen
«desto» wordt gebruikt in de correlatieve constructie «je ... desto ...» («hoe ... hoe ...»). Het kan niet op zichzelf staan; het verschijnt meestal in de tweede bijzin.