noun
ambassade, bericht, boodschap
B1
Botschaft (die) heeft twee hoofdbetekenissen: „ambassade” in diplomatieke zin en „boodschap” of „bericht”. Meervoud: Botschaften. Vrouwelijk zelfstandig naamwoord met regelmatige verbuiging. De context bepaalt de betekenis: in der Botschaft, eine Botschaft übermitteln.
Voorbeelden
Ich muss heute zur Botschaft, um ein Visum zu beantragen.
Ik moet vandaag naar de ambassade om een visum aan te vragen.
Die Regierung sandte eine Botschaft, damit die Bürger Ruhe bewahrten.
De regering stuurde een boodschap zodat de burgers kalm zouden blijven.
Ich habe die Botschaft verstanden.
Ik begreep de boodschap.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een groot gebouw met een vlag voor (een ambassade) en een brief die wordt overhandigd (een bericht).
Botschaft klinkt als ‘bot shaft’ — stel je een kleine robot voor die een bericht bezorgt om ‘message/embassy’ te onthouden.
Veel zelfstandige naamwoorden op -schaft zijn vrouwelijk (die Botschaft). Onthoud: ‘-schaft’ → die.
Opmerkingen
Heeft twee veelvoorkomende betekenissen: een officiële diplomatieke missie (ambassade) en de inhoud of betekenis van een communicatie (bericht). De context maakt duidelijk welke bedoeld is.