noun
workshop
A2
Workshop is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent ‘workshop’, ‘praktische training’ of ‘seminar’. Meervoud: Workshops. Het is een leenwoord en wordt als zodanig verbogen: der Workshop, des Workshops, dem Workshop. Veel gebruikt in werk- en onderwijscontext.
Voorbeelden
Ich nehme an einem Workshop zum Thema Fotografie teil.
Ik neem deel aan een workshop over fotografie.
Die Teilnehmer verließen den Workshop, nachdem der Referent die wichtigsten Punkte zusammengefasst hatte.
De deelnemers verlieten de workshop nadat de spreker de belangrijkste punten had samengevat.
Ich besuche nächsten Samstag einen Workshop über Fotografie.
Volgende zaterdag volg ik een workshop over fotografie.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een plek voor waar mensen samen aan projecten werken.
work + shop (zoals in het Engels)
de — denk aan een mannelijke instructeur die het evenement leidt (mannelijke anker)