noun
woordenboek, naslagwerk
B1
Wörterbuch is een onzijdig zelfstandig naamwoord en betekent “woordenboek”, een naslagwerk voor betekenissen, vertalingen en voorbeelden. Meervoud: Wörterbücher. Verbuiging: das Wörterbuch, des Wörterbuchs, dem Wörterbuch. Ook in samenstellingen zoals Online-Wörterbuch.
Voorbeelden
Die Schülerin suchte im Wörterbuch nach dem Ausdruck, weil sie den Satz nicht verstand.
De leerlinge zocht de uitdrukking op in het woordenboek, omdat ze de zin niet begreep.
Ich habe das neue Wörterbuch auf dem Tisch gefunden.
Ik heb het nieuwe woordenboek op tafel gevonden.
Hilfsmittel wie Mobiltelefone oder Wörterbücher sind nicht erlaubt.
Hulpmiddelen zoals mobiele telefoons of woordenboeken zijn niet toegestaan.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een dik boek voor met de labels «Wörter» en «Buch»
Wörterbuch = Wörter (woorden) + Buch (boek) -> word-book = woordenboek
das Wörterbuch — onthoud dat «Buch» onzijdig is (das Buch), dus Wörterbuch is ook onzijdig
Opmerkingen
Meervoud: Wörterbücher. De genitief enkelvoud is vaak «des Wörterbuchs» of «des Wörterbuches» (beide worden gebruikt).