noun
uitdaging, moeilijkheid, probleem
B1
Herausforderung (die) betekent „uitdaging” of „moeilijkheid”, vooral bij een veeleisende taak. Veelgebruikte combinaties: eine Herausforderung sein, vor einer Herausforderung stehen, sich einer Herausforderung stellen. Vrouwelijk zelfstandig naamwoord; meervoud Herausforderungen. Regelmatige verbuiging.
Voorbeelden
Die neue Aufgabe ist eine große Herausforderung für mich.
De nieuwe taak is een grote uitdaging voor mij.
Die neue Stelle ist eine große Herausforderung für sie.
De nieuwe functie is een grote uitdaging voor haar.
Die Schule betrachtete die Integration neuer Schüler als Herausforderung, obwohl die Klassen bereits voll waren.
De school beschouwde de integratie van nieuwe leerlingen als een uitdaging, hoewel de klassen al vol waren.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je iemand voor die over een hoge muur klimt met het label «Herausforderung».
Denk aan «here» (heraus) + «ford» (challenge) — een uitdaging om naar buiten te gaan en iets te «forden».
die Herausforderung — vrouwelijk zoals die Aufgabe (taak) of die Chance (kans).
Opmerkingen
Herausforderung is een veelgebruikt formeel woord voor «challenge» of «difficulty» in werk-, onderwijs- en persoonlijke contexten. Vrouwelijk zelfstandig naamwoord.