überlegen

verb
overwegen, nadenken over, de overhand hebben op
B1

überlegen is een regelmatig zwak werkwoord. Belangrijkste betekenissen: „nadenken over”, „overwegen” en „bedenken”; niet-reflexief kan het ook „superieur zijn aan” betekenen. Perfekt: hat überlegt. Vaak reflexief: sich etwas überlegen = iets goed bedenken of besluiten.

Voorbeelden

Der Manager überlegte lange, bevor er den Vertrag unterschrieb, weil die Konditionen wichtig waren.
De manager dacht lang na voordat hij het contract ondertekende, omdat de voorwaarden belangrijk waren.
Sie überlegte lange.
Ze dacht lang na.
Ich überlege, was ich kochen soll.
Ik denk na over wat ik moet koken.

Details

Hulpwerkwoordhaben
ScheidbaarNee
RegelmatigJa
Werkwoordtypeweak

Hoofdsvormen

Präsens (3. Sg.)er/sie/es überlegt
Präteritum (3. Sg.)er/sie/es überlegte
Perfekter/sie/es hat überlegt

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je iemand voor die kaarten op tafel legt en ze omdraait om de opties zorgvuldig te bekijken.
👂Klinkt als «over-leggen» — stel je voor dat je ideeën in je hoofd «over» elkaar legt en erover nadenkt.

Opmerkingen

Wordt vaak wederkerend gebruikt (sich etwas überlegen = ergens over nadenken / iets overwegen). Niet-wederkerige vormen zijn zeldzamer en kunnen in bepaalde contexten betekenen: «de overhand hebben op» of «overwegen».

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek

ichüberlege
duüberlegst
er/sie/esüberlegt
wirüberlegen
ihrüberlegt
sie/Sieüberlegen
ichwerde überlegt
duwirst überlegt
er/sie/eswird überlegt
wirwerden überlegt
ihrwerdet überlegt
sie/Siewerden überlegt
ichüberlege
duüberlegest
er/sie/esüberlege
wirüberlegen
ihrüberleget
sie/Sieüberlegen
ichwerde überlegt
duwerdest überlegt
er/sie/eswerde überlegt
wirwerden überlegt
ihrwerdet überlegt
sie/Siewerden überlegt
ichwürde überlegen
duwürdest überlegen
er/sie/eswürde überlegen
wirwürden überlegen
ihrwürdet überlegen
sie/Siewürden überlegen
ichwürde überlegt
duwürdest überlegt
er/sie/eswürde überlegt
wirwürden überlegt
ihrwürdet überlegt
sie/Siewürden überlegt
duÜberlege!
ihrÜberlegt!
SieÜberlegen Sie!