Salbe

noun
zalf, smeersel
B1

Salbe (v.) betekent ‘zalf’ of ‘smeersel’: een medicinale crème of zalf voor op de huid. Meervoud: Salben. Regelmatige verbuiging: die Salbe, der Salbe. Veel gebruikt in apotheek, verzorging en eerste hulp.

Voorbeelden

Er trug eine Salbe auf die Wunde auf.
Hij bracht een zalf aan op de wond.
Die Salbe hilft gegen den Juckreiz.
De zalf verlicht de jeuk.
Die Salbe hilft gegen den Juckreiz.
De zalf helpt tegen de jeuk.

Details

MeervoudSalben

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativedie Salbedie Salben
genitiveder Salbeder Salben
dativeder Salbeden Salben
accusativedie Salbedie Salben

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een klein tube met het label «Salbe» voor dat op een pijnlijke plek wordt gesmeerd
👂salve (Engels) klinkt als Salbe
⚧️de Salbe — denk aan «de» als vrouwelijk, zoals «de dame» die crème aanbrengt

Opmerkingen

Salbe verwijst naar een medicinale zalf voor uitwendig gebruik. Vrouwelijk zelfstandig naamwoord; veelgebruikt in apotheken. «Salbe» kan ook in figuurlijke uitdrukkingen voorkomen (bijv. een «verzachtend» woord).

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek