adverb
achteruit, achterwaarts
B1
rückwärts is een bijwoord en betekent „achteruit”, „omgekeerd” of „in de tegenovergestelde richting”. Het beschrijft beweging of volgorde, bv. rückwärts gehen. Het woord is onveranderlijk en geen werkwoord. Veel gebruikt in instructies en richtingsaanduidingen.
Voorbeelden
Während das Auto rückwärts fuhr, erkannte die Fahrerin, dass der Anhänger nicht richtig angekuppelt war.
Terwijl de auto achteruit reed, besefte de bestuurster dat de aanhanger niet goed was aangekoppeld.
Er ging rückwärts aus dem Raum, um niemanden zu stoßen.
Hij liep achteruit de kamer uit zodat hij niemand zou raken.
Die Kamera fährt rückwärts, um den ganzen Saal zu zeigen.
De camera rijdt achteruit om de hele zaal te laten zien.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je iemand voor die achteruit uit een deuropening loopt en langzaam «rückwärts» stapt om niemand te raken.
Klinkt als «rook-wards» — stel je een toren voor die achteruit beweegt.
Opmerkingen
Wordt gebruikt om beweging of een figuurlijke omkering te beschrijven (bijv. achteruit door een probleem werken).