Rufnummer

noun
telefoonnummer, contactnummer
B1

Rufnummer is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en betekent „telefoonnummer” of „contactnummer”. Meervoud: Rufnummern. Veel gebruikt in formulieren en telefonische contexten, bijvoorbeeld Rufnummer angeben en unter der Rufnummer erreichbar sein. Gewone verbuiging.

Voorbeelden

Bitte geben Sie Ihre Rufnummer an.
Geef alstublieft uw telefoonnummer op.
Der Kunde nannte die Rufnummer, damit der Support die Bestellung verfolgen konnte.
De klant gaf het telefoonnummer zodat de support de bestelling kon volgen.
Unter welcher Rufnummer kann ich Sie erreichen?
Op welk telefoonnummer kan ik u bereiken?

Details

MeervoudRufnummern

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativedie Rufnummerdie Rufnummern
genitiveder Rufnummerder Rufnummern
dativeder Rufnummerden Rufnummern
accusativedie Rufnummerdie Rufnummern

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een telefoonscherm voor met een nummer dat is gelabeld als «Rufnummer».
👂Rufnummer — «ruf» klinkt als «roof», maar denk aan «ruf» = «oproep» (Duits «rufen» = bellen).
⚧️die = stel je een vrouwelijke contactkaart voor met het label «die Rufnummer».

Opmerkingen

Rufnummer is een formeel woord voor een telefoonnummer; vaak gebruikt in officiële formulieren en profielen.

Categorie

Woordenschatverkenner

In de buurt in het woordenboek