noun
pech, storing, defect
B1
Panne is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Panne, meervoud Pannen. Het betekent ‘pech’, ‘storing’ of ‘defect’, vooral bij een auto of apparaat. Ook gebruikt voor een kleine misser of hinderlijke tegenvaller. Veelvoorkomend in alledaagse en technische contexten.
Voorbeelden
Wir hatten eine Panne auf der Autobahn und mussten den ADAC rufen.
We kregen pech op de snelweg en moesten de ADAC bellen.
Wir hatten eine Panne auf der Autobahn.
We hadden pech op de snelweg.
Auf der Autobahn gab es eine Panne, sodass der Fahrer das Auto nicht mehr bewegen konnte.
Er was een pechgeval op de snelweg, zodat de bestuurder de auto niet meer kon verplaatsen.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een auto voor met rook en een bordje 'panne' — een duidelijk beeld van pech/storing.
Stel je een vrouw (die) voor die zegt: 'Oh nee, die Panne!' — koppel het vrouwelijke beeld aan 'die'.
Opmerkingen
Wordt vaak gebruikt voor autopech of technische storingen (eine Panne).