verb
leveren, bezorgen, voorzien
A2
Liefern betekent ‘leveren’ of ‘bezorgen’. Het is een regelmatig zwak werkwoord met haben als hulpwerkwoord; voltooid deelwoord: geliefert. Meestal is het transitief: etwas liefern of an jemanden liefern. Niet scheidbaar en veel gebruikt in logistiek, handel en bezorging.
Voorbeelden
Der Postbote liefert das Paket.
De postbode bezorgt het pakket.
Das Paket ist geliefert worden.
Het pakket is geleverd.
Diese Fabrik liefert Teile an viele Autowerke.
Deze fabriek levert onderdelen aan veel autofabrieken.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een bezorgwagen voor met «LIEF» (zoals «lief») op de zijkant die een pakket bezorgt.
Klinkt een beetje als Engels «deliver» — hetzelfde idee: «lie-fer-n».
Opmerkingen
Een regelmatig transitief werkwoord dat vaak wordt gebruikt voor verzending/bezorging en het leveren van goederen.