Kissen

noun
kussen
B1

Kissen is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Kissen. Het betekent „kussen” of „hoofdkussen”. Het meervoud is gelijk aan het enkelvoud: die Kissen. Genitief enkelvoud: des Kissens. Veel gebruikt in de huishoudelijke woordenschat.

Voorbeelden

Das Kind versteckte das Kissen unter dem Bett, obwohl die Mutter es gerade brauchte.
Het kind verstopte het kussen onder het bed, hoewel de moeder het juist toen nodig had.
Ich habe ein Kissen.
Ik heb een kussen.
Das Kissen ist sehr weich.
Het kussen is heel zacht.

Details

MeervoudKissen

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativedas Kissendie Kissen
genitivedes Kissensder Kissen
dativedem Kissenden Kissen
accusativedas Kissendie Kissen

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een zacht kussen op een bed voor met een label « DAS KISSEN » in grote letters.
👂Klinkt als « kissing » — stel je voor dat je tegen een kussen aankruipt.
⚧️onzijdig: onthoud « das Kissen » door je een neutraal grijs kussen met het label « DAS » voor te stellen.

Opmerkingen

Het meervoud is gelijk aan het enkelvoud (die Kissen). Veelvoorkomend in huishoudelijke woordenschat.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek