verb
uitvinden, te weten komen, ontdekken
B1
herausfinden — scheidbaar sterk werkwoord: ‘uitvinden’, ‘achterhalen’ of ‘te weten komen’. Het voorvoegsel heraus- scheidt zich: ich finde es heraus. Voltooid deelwoord: herausgefunden; hulpwerkwoord: haben. Niet-reflexief. Gebruik je wanneer je informatie ontdekt of iets uitzoekt.
Voorbeelden
Ich konnte nicht herausfinden, wo der Künstler wohnt.
Ik kon niet achterhalen waar de kunstenaar woont.
Ich habe die Antwort herausgefunden.
Ik heb het antwoord gevonden.
Die Forscher fanden heraus, dass die Ursache des Problems komplexer war, als man zunächst vermutet hatte.
De onderzoekers ontdekten dat de oorzaak van het probleem complexer was dan men aanvankelijk had vermoed.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je voor dat je een geheim papiertje uit een boekomslag trekt (het ‘heraus’ eruit haalt) en het antwoord leest (het vindt).
klinkt als ‘here’s find’ — denk aan ‘hier iets uitvinden/te weten komen’
Opmerkingen
Herausfinden is scheidbaar: in hoofdzin staat het voorvoegsel ‘heraus’ aan het einde (ich finde es heraus). Veelgebruikt in alledaagse taal om feiten te leren kennen of oplossingen te vinden.