verb
zich verheugen, blij zijn, uitkijken naar
A1
freuen betekent ‘verheugen’ of meestal ‘zich verheugen’. In de praktijk is het vaak reflexief: sich freuen über + accusatief = blij zijn met iets, en sich freuen auf + accusatief = uitkijken naar iets. Het is een zwak werkwoord, Perfekt: gefreut, met haben.
Voorbeelden
Ich freue mich auf das Wochenende.
Ik kijk uit naar het weekend.
Wir freuen uns auf den Urlaub.
We kijken uit naar de vakantie.
Ich habe mich sehr gefreut.
Ik was erg blij.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je voor dat je een cadeau opent en het label ‘freuen’ met een glimlachend gezicht ziet.
Denk aan ‘free-on’ — je voelt je vrij en blij (tevreden).
Opmerkingen
Wordt meestal wederkerig gebruikt (sich freuen). Kan in sommige contexten ook niet-wederkerig met een lijdend voorwerp gebruikt worden. | Wederkerig werkwoord; passieve vormen zijn niet van toepassing.