Fehler

noun
fout, vergissing, error
A1

Fehler is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Fehler. Het betekent „fout”, „vergissing” of „defect”, afhankelijk van de context. Meervoud: die Fehler. Veel gebruikt in het dagelijks leven en in technische contexten: einen Fehler machen, einen Fehler finden, einen Fehler beheben.

Voorbeelden

Ich habe einen Fehler gemacht.
Ik heb een fout gemaakt.
Der Computer zeigt einen Fehler an.
De computer geeft een foutmelding.
Der Redakteur entdeckte einen Fehler im Text, obwohl der Autor die Version sorgfältig geprüft hatte.
De redacteur ontdekte een fout in de tekst, hoewel de auteur de versie zorgvuldig had gecontroleerd.

Details

MeervoudFehler

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativeder Fehlerdie Fehler
genitivedes Fehlersder Fehler
dativedem Fehlerden Fehlern
accusativeden Fehlerdie Fehler

Ezelsbruggetjes

👁️beeld je een rode cirkel in die een fout op een toets markeert
👂klinkt als «fail-er» — iemand die een fout heeft gemaakt
⚧️der (mannelijk) — stel je «der Fehler» voor naast een verkeerd antwoord

Opmerkingen

«Fehler» wordt zowel gebruikt voor menselijke vergissingen als voor technische fouten.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek