Feier

noun
feest, viering, feestelijkheid
A2

Feier betekent ‘feest’, ‘viering’ of ‘plechtigheid’. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Feier, meervoud die Feiern. Veelgebruikte combinaties zijn eine Feier feiern, veranstalten of geben. De context bepaalt of het om een informeel feest of een officiële ceremonie gaat.

Voorbeelden

Die Feier war sehr schön.
Het feest was erg mooi.
Die Nachbarn organisierten eine Feier, obwohl viele Bewohner früh arbeiten mussten.
De buren organiseerden een feest, hoewel veel bewoners vroeg moesten werken.
Die Geburtstagsparty war eine schöne Feier mit Freunden.
Het verjaardagsfeest was een mooi feest met vrienden.

Details

MeervoudFeiern

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativedie Feierdie Feiern
genitiveder Feierder Feiern
dativeder Feierden Feiern
accusativedie Feierdie Feiern

Ezelsbruggetjes

👁️Mensen met ballonnen en taart op een feest.
👂Denk aan „fair” — een feestelijk evenement.
⚧️die — veel zelfstandige naamwoorden voor evenementen/feesten zijn vrouwelijk: die Feier.

Opmerkingen

Veelvoorkomende combinaties: „Feier geben/veranstalten”, „Feierabend” (einde van de werkdag).

Categorie

Woordenschatverkenner

In de buurt in het woordenboek