Erziehung

noun
opvoeding, onderwijs
B1

Erziehung (v.) betekent „opvoeding” of „vorming” in brede zin. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Erziehung; meervoud: die Erziehungen. Vaak gebruikt voor kinderopvoeding, waarden en karaktervorming.

Voorbeelden

Viele Experten diskutierten, dass die Erziehung zu Hause einen großen Einfluss auf die Schulnoten hatte.
Veel experts bespraken dat de opvoeding thuis een grote invloed had op de schoolcijfers.
Gute Erziehung beginnt oft in der Familie.
Een goede opvoeding begint vaak in het gezin.
Die Politik diskutiert neue Maßnahmen zur frühkindlichen Erziehung.
Politici bespreken nieuwe maatregelen voor vroegschoolse educatie.

Details

MeervoudErziehungen

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativedie Erziehungdie Erziehungen
genitiveder Erziehungder Erziehungen
dativeder Erziehungden Erziehungen
accusativedie Erziehungdie Erziehungen

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een leraar voor die een jonge plant vormt: de ‘Erziehung’ van de plant.
👂klinkt een beetje als ‘air-tsee-hoong’ — denk aan ‘air-TSEE-ung’ = ‘onderwijs’.
⚧️die Erziehung — onthoud het vrouwelijke lidwoord ‘die’, zoals bij veel -ung-woorden (alle -ung-woorden zijn vrouwelijk).

Opmerkingen

Zelfstandig naamwoord met het achtervoegsel -ung (altijd vrouwelijk). Kan afhankelijk van de context zowel formeel ‘onderwijs’ als ‘opvoeding’ betekenen.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek