adjective
akkoord, het eens
A2
einverstanden is een deelwoordelijk bijvoeglijk naamwoord en betekent ‘akkoord’ of ‘eens zijn’. Het wordt vooral predicatief gebruikt: Ich bin einverstanden. Vaak met mit + datief: einverstanden mit dem Vorschlag. Niet te vergelijken.
Voorbeelden
Die Nachbarn waren einverstanden, dass die Firma am Wochenende arbeiten durfte, weil die Reparaturarbeit schnell erledigt werden musste.
De buren stemden ermee in dat het bedrijf in het weekend mocht werken, omdat de reparatiewerkzaamheden snel moesten worden afgerond.
Sind Sie mit dem Vorschlag einverstanden?
Bent u het eens met het voorstel?
Ich bin mit dem Plan einverstanden.
Ik ben het eens met het plan.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je twee mensen voor die knikken en een papier met ‘einverstanden’ stempelen om te laten zien dat ze het eens zijn.
Opmerkingen
Een deelwoordelijk bijvoeglijk naamwoord dat vaak predicatief wordt gebruikt (Ich bin einverstanden). Het wordt niet vaak attributief vóór zelfstandige naamwoorden gebruikt.