verb
invoeren, inschrijven, registreren
A2
eintragen betekent ‘invullen’, ‘invoeren’ of ‘inschrijven’. Het is een scheidbaar werkwoord: ich trage ein. Sterk werkwoord met klinkerwisseling a→ä in de tegenwoordige tijd (du/er trägt ein), verleden tijd trug, voltooid deelwoord eingetragen. Met haben.
Voorbeelden
Ich trage meinen Namen in die Liste ein.
Ik zet mijn naam op de lijst.
Die Daten wurden eingetragen.
De gegevens zijn ingevoerd.
Der Student trug die neuen Termine in den Kalender ein, nachdem der Professor die Änderungen erklärte.
De student zette de nieuwe data in de agenda nadat de professor de wijzigingen had uitgelegd.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je voor dat je een naam in een lijst of formulier schrijft.
ein + tragen → ‘naar binnen dragen’ (in een lijst zetten).