bekommen

verb
krijgen, ontvangen
A1

bekommen betekent ‘krijgen’ of ‘ontvangen’. Het is een sterk, onregelmatig werkwoord: Präteritum bekam, Konjunktiv II bekäme. In de voltooide tijden gebruikt het haben. Het is niet scheidbaar en niet wederkerend; het voltooid deelwoord is bekommen. Vaak met een lijdend voorwerp.

Voorbeelden

Er bekam einen Brief.
Hij ontving een brief.
Ich bekomme ein Geschenk.
Ik krijg een cadeau.
Sie hat eine gute Note bekommen.
Ze heeft een goed cijfer gekregen.

Details

Hulpwerkwoordhaben
ScheidbaarNee
RegelmatigNee
Werkwoordtypestrong
Stamveranderingene → a in Präteritum (bekam); Konjunktiv II: bekäme

Hoofdsvormen

Präsens (3. Sg.)er/sie/es bekommt
Präteritum (3. Sg.)er/sie/es bekam
Perfekter/sie/es hat bekommen

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een pakket voor dat naar jou toe komt met het label «bekommen».
👂Denk aan «be-come» — iets komt naar je toe, je ontvangt het.

Opmerkingen

Passieve vormen worden normaal niet gebruikt met «bekommen» in de betekenis «ontvangen»; in passieve constructies gebruikt het Duits eerder werkwoorden zoals «erhalten». Daarom zijn passieve vervoegingen gemarkeerd als «niet van toepassing».

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek

ichbekomme
dubekommst
er/sie/esbekommt
wirbekommen
ihrbekommt
sie/Siebekommen
ichbekomme
dubekommest
er/sie/esbekomme
wirbekommen
ihrbekommet
sie/Siebekommen
ichbekäme
dubekämest
er/sie/esbekäme
wirbekämen
ihrbekämet
sie/Siebekämen
duBekomm(e)!
ihrBekommt!
SieBekommen!