verb
aanzetten, aanmaken, flirten
A1
anmachen heeft twee hoofdbetekenissen: 1) iets aanzetten of inschakelen, zoals licht of een apparaat; 2) informeel: iemand versieren of op iemand afgaan. Het is een scheidbaar werkwoord: mach an. Perfekt: hat angemacht. Niet wederkerig; de tweede betekenis is informeel.
Voorbeelden
Du hast den Fernseher angemacht.
Je hebt de televisie aangezet.
Der Hausmeister machte das Licht an, weil die Besucher spät kamen.
De conciërge deed het licht aan omdat de bezoekers laat kwamen.
Er hat versucht, sie anzumachen.
Hij probeerde met haar te flirten.
Details
Ezelsbruggetjes
een vinger die een schakelaar met ‘AN/MACHEN’ omzet om iets aan te zetten
an-make — ‘make it on’
Opmerkingen
«anmachen» is scheidbaar in neutrale contexten (aanzetten) en betekent informeel ook «flirten» of «iemand versieren». In het perfectum: «hat angemacht».