wieder-

other
opnieuw, weer, her-
B1

wieder- is een voorvoegsel dat ‘weer’, ‘opnieuw’ of ‘re-’ betekent. Het vormt vooral werkwoorden en zelfstandige naamwoorden die herhaling, terugkeer of herstel uitdrukken, zoals wiederholen. Het komt nooit los voor en wordt niet verbogen.

Voorbeelden

Der Besucher wollte wieder-kommen, weil das Museum renoviert wurde und neu eröffnen sollte.
De bezoeker wilde terugkomen omdat het museum was gerenoveerd en opnieuw zou openen.
In 'wiederholen' bedeutet wieder- 'again'.
In 'wiederholen' betekent wieder- 'opnieuw'.
Das Präfix wieder- zeigt an, dass etwas wiederholt wird.
Het voorvoegsel 'wieder-' geeft aan dat iets wordt herhaald.

Details

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een lusvormige pijl voor die terugdraait om te laten zien dat iets opnieuw gebeurt; koppel dat beeld aan «wieder-».
👂Klinkt als het Engelse «weeder» — stel je voor dat je hetzelfde tuinwerk opnieuw doet.

Opmerkingen

Het element «wieder-» is een onafscheidbaar voorvoegsel in veel werkwoorden (bijv. «wiederholen») en geeft herhaling aan. Als affix is het geen zelfstandig woord in normaal taalgebruik, maar het verschijnt vast aan een stam.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek