vorbei-

other
voorbij-, voorbij, af-
B1

vorbei- drukt uit dat iets ‘voorbij’, ‘afgelopen’ of ‘klaar’ is. Het komt voor als partikel/bijwoord in Das Spiel ist vorbei en als onderdeel van samenstellingen met koppelteken. In predicatieve zinnen staat vaak sein: Es ist vorbei. Niet-reflexief.

Voorbeelden

Die Ferien sind vorbei.
De vakantie is voorbij.
Die vorbei-kommenden Nachbarn wurden begrüßt, während die Familie im Garten arbeitete, sodass viele kurz blieben.
De voorbijlopende buren werden begroet terwijl het gezin in de tuin werkte, zodat velen even bleven.

Details

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je iets voor dat langs je heen loopt met een banner waarop 'vorbei' staat terwijl het voorbijgaat.
👂Klinkt een beetje als 'four-bye' — stel je voor dat je 'bye' zegt terwijl iets voorbijgaat (voorbij/over).

Opmerkingen

Deze ingang is een affix/prefix (« vorbei- ») die wordt gebruikt om werkwoorden of samenstellingen te vormen die aangeven dat iets voorbij is of over is (in echte zinnen vaak als « vorbei »).

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek