Visitenkarte

noun
visitekaartje, visitekaart
B1

Visitenkarte betekent ‘visitekaartje’ met contactgegevens, bedrijfsnaam en functie. In het Duits is het een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Visitenkarte; meervoud Visitenkarten. Gewone verbuiging. Veel gebruikt bij zakelijke kennismakingen en netwerken.

Voorbeelden

Der Unternehmer legte die Visitenkarte auf den Tisch, nachdem das Gespräch beendet war, damit die Kundin die Kontaktdaten hatte.
De ondernemer legde het visitekaartje op tafel nadat het gesprek was beëindigd, zodat de klant de contactgegevens had.
Ich habe eine Visitenkarte.
Ik heb een visitekaartje.
Kann ich Ihre Visitenkarte haben?
Mag ik uw visitekaartje hebben?

Details

MeervoudVisitenkarten

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativedie Visitenkartedie Visitenkarten
genitiveder Visitenkarteder Visitenkarten
dativeder Visitenkarteden Visitenkarten
accusativedie Visitenkartedie Visitenkarten

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je voor dat je iemand een klein kaartje geeft met het woord «Visite» erop.
👂Visi- (visite) + Karte (kaart) — denk aan «visitekaartje» om «Visitenkarte» te onthouden.
⚧️die Visitenkarte — vrouwelijk zoals «die Karte» of «die Postkarte».

Opmerkingen

Meervoud: «Visitenkarten». Veelvoorkomend in professionele en netwerkcontexten. In formele situaties worden vaak visitekaartjes uitgewisseld.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek