Uhr

noun
klok, horloge, uur
A1

Uhr is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Uhr, meervoud Uhren. Het betekent vooral ‘klok’ of ‘horloge’ en in tijdsaanduidingen ook ‘uur precies’: Es ist drei Uhr. In zulke uitdrukkingen staat het vaak zonder lidwoord met een getal. Genitief/dativ: der Uhr.

Voorbeelden

Wie viel Uhr ist es?
Hoe laat is het?
Es ist drei Uhr.
Het is drie uur.
Die Veranstaltung begann um zwölf Uhr, weil viele Gäste früher ankamen.
Het evenement begon om twaalf uur, omdat veel gasten eerder aankwamen.

Details

MeervoudUhren

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativedie Uhrdie Uhren
genitiveder Uhrder Uhren
dativeder Uhrden Uhren
accusativedie Uhrdie Uhren

Ezelsbruggetjes

👁️een ronde wijzerplaat met wijzers in de vorm van een ‘U’
👂klinkt als ‘your’ — jouw horloge (denk aan ‘jouw klok’)
⚧️die Uhr — stel je een dame voor die een horloge draagt (die voor vrouwelijk)

Opmerkingen

Uhr wordt zowel gebruikt voor een klok/horloge als om de tijd uit te drukken (bijv. «drei Uhr»).

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek