Spielplatz

noun
speelplaats, speeltuin
B1

Spielplatz (de) betekent ‘speelplaats’ of ‘speeltuin’. Meervoud: Spielplätze, met umlaut en -e. Datief meervoud: den Spielplätzen; genitief meervoud: der Spielplätze. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord met gewone verbuiging. Meestal gaat het om een buitenruimte voor kinderen.

Voorbeelden

Die Kinder spielen auf dem Spielplatz.
De kinderen spelen op de speelplaats.
Der Spielplatz hat eine eingezäunte Spielzone für Kleinkinder.
De speeltuin heeft een omheinde speelzone voor peuters.
Die Kinder spielen auf dem Spielplatz.
De kinderen spelen op de speelplaats.

Details

MeervoudSpielplätze

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativeder Spielplatzdie Spielplätze
genitivedes Spielplatzesder Spielplätze
dativedem Spielplatzden Spielplätzen
accusativeden Spielplatzdie Spielplätze

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een helder park voor met schommels en een bord waarop groot «Spielplatz» staat.
👂Denk aan «spiel» = spelen en «platz» = plaats → speelplaats = playground.
⚧️Der Spielplatz — der (mannelijk): stel je een grote DER-poort bij de ingang voor.

Opmerkingen

Wordt vaak gebruikt voor openbare speelruimtes. Meervoud is «Spielplätze». Als je over een specifieke speelplaats spreekt, gebruik dan het bepaald lidwoord (der/dem/den).

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek