Spaziergang

noun
wandeling, ommetje, staptocht
A2

Spaziergang betekent ‘wandeling’ of ‘ommetje’, meestal voor ontspanning. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Spaziergang, meervoud die Spaziergänge met umlaut. Veelgebruikte uitdrukkingen zijn einen Spaziergang machen en spazieren gehen. Heel gewoon in alledaagse taal.

Voorbeelden

Wir machen einen Spaziergang im Park.
We maken een wandeling in het park.
Ein Abendspaziergang kann sehr entspannend sein.
Een avondwandeling kan heel ontspannend zijn.
Wir machen einen Spaziergang im Park.
We maken een wandeling in het park.

Details

MeervoudSpaziergänge

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativeder Spaziergangdie Spaziergänge
genitivedes Spaziergangsder Spaziergänge
dativedem Spaziergangden Spaziergängen
accusativeden Spaziergangdie Spaziergänge

Ezelsbruggetjes

👂«spazier-» klinkt als «spa-zee-air» — denk aan een ontspannen wandeling.
⚧️der - stel je een heer voor die een wandeling maakt (mannelijk «der»).

Opmerkingen

Wordt vaak gebruikt voor een korte, ontspannen wandeling; samenstelling van «spazieren» + «Gang».

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek