noun
pijnstiller, analgeticum, pijnstillend middel
B1
Schmerzmittel betekent ‘pijnstiller’ of ‘analgeticum’. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Schmerzmittel. Meervoud identiek: die Schmerzmittel. Samenstelling van Schmerz + Mittel; veel gebruikt in medische en alledaagse context.
Voorbeelden
Dieses Schmerzmittel wirkt schnell und lindert die Schmerzen.
Dit pijnstillende middel werkt snel en verlicht de pijn.
Ich nehme ein Schmerzmittel gegen Kopfschmerzen.
Ik neem een pijnstiller tegen hoofdpijn.
Der Arzt verschrieb Schmerzmittel, damit der Patient weniger Schmerzen hatte.
De arts schreef pijnstillers voor, zodat de patiënt minder pijn had.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een klein pilletje met een rood kruis voor om te onthouden dat het een medicijn tegen pijn is.
Klinkt als ‘harm’ + ‘mittel’ (Duits voor middel) — een medicijn dat pijn vermindert.
das — onthoud dat «das Mittel» (het middel/remedie) onzijdig is, dus «das Schmerzmittel».
Opmerkingen
Samengesteld uit «Schmerz» (pijn) + «Mittel» (middel/remedie). Vaak gebruikt in apotheek- en medische contexten. Het meervoud is hetzelfde als het enkelvoud: die Schmerzmittel.