adjective
nerveus, zenuwachtig
A2
nervös is een bijvoeglijk naamwoord en betekent ‘nerveus’, ‘zenuwachtig’ of ‘angstig’. Het is trapbaar: nervöser, am nervösesten. Tegenstellingen zijn entspannt en ruhig. Het beschrijft een emotionele toestand en komt vaak voor in combinaties met wegen of vor.
Voorbeelden
Sie wirkt etwas nervös wegen des Interviews.
Ze lijkt een beetje nerveus over het interview.
Ich bin vor dem Test sehr nervös.
Ik ben erg nerveus voor de test.
Vor der Besprechung war Maria nervös, weil die Entscheidung sehr wichtig war.
Voor de vergadering was Maria nerveus, omdat de beslissing erg belangrijk was.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je iemand voor die licht trilt voor een presentatie — die persoon is „nervös”.
nervös ~ nerveus (vergelijkbare klank en betekenis)
Opmerkingen
Gebruikt om gevoelens van angst of nervositeit te beschrijven; veelvoorkomend in alledaagse taal.