gesund

adjective
gezond, fit
A2

gesund is een bijvoeglijk naamwoord en betekent ‘gezond’ of ‘in goede conditie’. Het is trapbaar: gesünder, am gesündesten. Je gebruikt het attributief en predicatief: ein gesunder Mensch, er ist gesund. Veelvoorkomende tegenstellingen zijn ungesund en krank.

Voorbeelden

Gesunde Ernährung ist wichtig, um gesund zu bleiben.
Gezonde voeding is belangrijk om gezond te blijven.
Die Ärztin sagte, die Patientin wirkte gesund, obwohl sie sich noch schwach gefühlt hatte.
De arts zei dat de patiënte gezond leek, hoewel ze zich nog zwak had gevoeld.
Er ist heute krank, aber morgen ist er hoffentlich wieder gesund.
Hij is vandaag ziek, maar hopelijk is hij morgen weer gezond.

Details

VergelijkbaarJa
Vergrotende trapgesünder
Overschrijvende trapam gesündesten
Voltooid deelwoordNee

Ezelsbruggetjes

👁️Een felgroene appel met het label 'gesund'
👂gesund ~ 'ge-sound' denk aan 'sound health' → gesund

Opmerkingen

Beschrijft lichamelijke gezondheid of dingen die de gezondheid bevorderen.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek