verb
nadenken, overdenken
B1
nachdenken betekent ‘nadenken, over iets reflecteren’. Het is een scheidbaar werkwoord: er denkt nach. Vaak staat het met über + accusatief (über etwas nachdenken). Perfekt: hat nachgedacht, verleden tijd: dachte nach. Het is niet wederkerend.
Voorbeelden
Ich denke über meine Zukunft nach.
Ik denk na over mijn toekomst.
Ich habe viel darüber nachgedacht.
Ik heb er veel over nagedacht.
Sie denken über das Konzept nach.
Ze denken na over het concept.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een persoon voor die met een hand op de kin zit en ideeën in zijn hoofd omdraait.
Klinkt als «knock-think» — stel je voor dat je ideeën in je hoofd rondtikt.
Opmerkingen
Scheidbaar werkwoord (het voorvoegsel «nach-» scheidt in hoofdzin: «ich denke nach»). Gebruikt in samengestelde tijden meestal het hulpwerkwoord «haben». Vaak met «über» + accusatief («über etwas nachdenken»). | Onovergankelijk werkwoord; passieve vormen zijn niet van toepassing.