adjective
los, ontspannen
B1
locker betekent ‘los’, ‘niet strak’ of ‘ontspannen’. Het kan iets fysieks beschrijven, maar ook een persoon of sfeer. Het is een gradabel bijvoeglijk naamwoord: lockerer, am lockersten. Veelgebruikt en grammaticaal gewoon.
Voorbeelden
Die Schraube ist locker und muss festgezogen werden.
De schroef zit los en moet worden vastgedraaid.
Der Monteur zog die lockere Schraube fest, weil sonst die Maschine gefährlich vibrieren würde.
De monteur draaide de losse schroef vast, want anders zou de machine gevaarlijk trillen.
Er ist sehr locker in sozialen Situationen und spricht offen mit Fremden.
Hij is erg ontspannen in sociale situaties en praat openlijk met vreemden.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een losse schoenveter voor die niet strak zit.
Klinkt een beetje als het Engelse «locker» — iets los.