informieren

verb
informeren, op de hoogte brengen, kennisgeven
A2

informieren betekent „informeren”, „op de hoogte brengen” of „inlichten”. Het kan transitief zijn: jemanden informieren, of reflexief: sich informieren über + Akk. = zich informeren over. Het is een regelmatig zwak werkwoord, niet-scheidbaar; perfectum met haben.

Voorbeelden

Bitte informieren Sie mich über den neuen Termin.
Informeer mij alstublieft over de nieuwe afspraak.
Ich informiere meine Kollegen per E-Mail.
Ik informeer mijn collega's per e-mail.
Er informierte sich über die Reise.
Hij informeerde zich over de reis.

Details

Hulpwerkwoordhaben
ScheidbaarNee
RegelmatigJa
Werkwoordtypeweak

Hoofdsvormen

Präsens (3. Sg.)er/sie/es informiert
Präteritum (3. Sg.)er/sie/es informierte
Perfekter/sie/es hat informiert

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je iemand voor die een informatiefolder uitdeelt met het label „Informieren”.
👂Lijkt op het Engelse „inform” — een verwant woord dat het makkelijk maakt om te onthouden.

Opmerkingen

Informieren is een regelmatig zwak werkwoord en gebruikt doorgaans „haben” als hulpwerkwoord. Het kan in sommige contexten wederkerig zijn (sich informieren = informatie inwinnen).

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek

ichinformiere
duinformierst
er/sie/esinformiert
wirinformieren
ihrinformiert
sie/Sieinformieren
ichwerde informiert
duwirst informiert
er/sie/eswird informiert
wirwerden informiert
ihrwerdet informiert
sie/Siewerden informiert
ichinformiere
duinformierest
er/sie/esinformiere
wirinformieren
ihrinformieret
sie/Sieinformieren
ichwerde informiert
duwerdest informiert
er/sie/eswerde informiert
wirwerden informiert
ihrwerdet informiert
sie/Siewerden informiert
ichinformierte
duinformiertest
er/sie/esinformierte
wirinformierten
ihrinformiertet
sie/Sieinformierten
ichwürde informiert
duwürdest informiert
er/sie/eswürde informiert
wirwürden informiert
ihrwürdet informiert
sie/Siewürden informiert
duinformiere
ihrinformiert
Sieinformieren