noun
snelheid
B1
„Geschwindigkeit” betekent „snelheid” of „vaart”, dus de snelheid van beweging of verloop. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; meervoud: Geschwindigkeiten. Komt vaak voor met mit of in uitdrukkingen als mit hoher Geschwindigkeit. Regelmatige verbuiging.
Voorbeelden
Die Messung ergab, dass die Geschwindigkeit des Fahrzeugs über der erlaubten Grenze lag, sodass die Polizei eingriff.
De meting toonde aan dat de snelheid van het voertuig boven de toegestane limiet lag, waardoor de politie ingreep.
Die Geschwindigkeit des Autos war zu hoch.
De snelheid van de auto was te hoog.
Die Geschwindigkeit ist hoch.
De snelheid is hoog.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je de naald van een snelheidsmeter voor die naar rechts schiet — dat beeld koppelt aan het idee van snelheid.
Denk aan «guess-wind-igkeit» — «guess wind» om te onthouden dat het gaat om hoe snel de wind of iets anders beweegt.
die — stel je een vrouwelijke bestuurder voor die «haar» snelheid op het dashboard controleert om het vrouwelijke lidwoord te onthouden.
Opmerkingen
Wordt vaak uitwisselbaar gebruikt met «Tempo» in alledaagse taal, maar «Geschwindigkeit» is algemener en wordt in technische contexten gebruikt (bijv. natuurkunde).