geschlossen

adjective
gesloten, dicht
A1

geschlossen betekent ‘gesloten’ of ‘dicht’. Het is het voltooid deelwoord van schließen (präteritum: schloss; perfekt: hat geschlossen). Als bijvoeglijk naamwoord beschrijft het iets dat niet open is en het is niet gradabel. Tegenstellingen: offen, geöffnet. Vaak met sein: Die Tür ist geschlossen.

Voorbeelden

Die Tür blieb geschlossen, als die Kunden ankamen.
De deur bleef gesloten toen de klanten aankwamen.
Das Geschäft hat heute schon geschlossen.
De winkel is vandaag al gesloten.
Die Tür ist geschlossen.
De deur is gesloten.

Details

VergelijkbaarNee
Voltooid deelwoordJa

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een winkeldeur voor met een groot rood bord «geschlossen».
👂klinkt als «closed» met een Duitse uitgang.
⚧️niet van toepassing

Opmerkingen

Gebruikt als bijvoeglijk naamwoord afgeleid van het werkwoord schließen. Vaak op borden te zien (bijv. «Geschlossen»).

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek