Feuerwehr

noun
brandweer
B1

Feuerwehr (v.) betekent „brandweer” of „brandweerdienst”. Het vrouwelijke zelfstandig naamwoord kan de organisatie, het team of de plaatselijke kazerne aanduiden. Meervoud: Feuerwehren. Geen wederkerige vorm of vaste prepositie. Veelgebruikt in het dagelijks leven en bij noodgevallen.

Voorbeelden

In unserer Stadt arbeitet die Feuerwehr rund um die Uhr.
In onze stad werkt de brandweer dag en nacht.
Die Anwohner riefen die Feuerwehr, weil dichter Rauch aus dem Dachgeschoss kam.
De bewoners belden de brandweer omdat er dikke rook uit de zolder kwam.
Die Feuerwehr kam schnell und löschte das Feuer.
De brandweer kwam snel en bluste het vuur.

Details

Meervouddie Feuerwehren

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativedie Feuerwehrdie Feuerwehren
genitiveder Feuerwehrder Feuerwehren
dativeder Feuerwehrden Feuerwehren
accusativedie Feuerwehrdie Feuerwehren

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een grote rode vrachtwagen voor met «Feuerwehr» op de zijkant, die naar een brandend huis racet.
👂Feuer lijkt op het Engelse «fire»; denk: «Feuer» = vuur.
⚧️Die Feuerwehr — onthoud «die» door je een vrouwelijke chef (die = vrouwelijk) voor te stellen die het team leidt.

Opmerkingen

Feuerwehr is een samenstelling (Feuer + Wehr). In alledaags taalgebruik wordt «die Feuerwehr» zowel voor de organisatie als voor de teams gebruikt. Het meervoud «Feuerwehren» wordt gebruikt wanneer men over meerdere diensten van verschillende steden spreekt.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek