verb
herkennen, beseffen
B1
erkennen is een regelmatig, niet-reflexief werkwoord met de betekenis „herkennen” of „inzien/beseffen”. Het komt vaak voor in de constructie an + datief: etwas an etwas erkennen. Het perfectum wordt gevormd met haben: ich habe erkannt.
Voorbeelden
Der Richter erkannte die Beweise an, nachdem der Sachverständige seine Ergebnisse erklärte.
De rechter erkende het bewijs nadat de deskundige zijn resultaten had uitgelegd.
Ich erkannte ihn sofort an seiner Stimme.
Ik herkende hem meteen aan zijn stem.
Ich erkenne dich wieder.
Ik herken je.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je voor dat je een vriend in een menigte ziet en er een lampje gaat branden wanneer je beseft wie het is.
klinkt als ‘her-ken’ — stel je voor dat iemand zegt: ‘ik kan dat persoon zien / herkennen’.
Opmerkingen
Erkennen is een onlosmakelijk werkwoord en wordt vaak gebruikt voor waarnemen of zich bewust worden van iets. Voltooid deelwoord: haben + erkannt.