Blitz

noun
bliksem
B1

Blitz (der) betekent in de eerste plaats ‘bliksem’ of ‘flits’: de elektrische ontlading in de lucht. Figuurlijk kan het ook iets heel snels of plotselings aanduiden. Meervoud: Blitze. Gewoon zelfstandig naamwoord.

Voorbeelden

Der Ast wurde vom Blitz getroffen, als die Männer sich im Haus aufhielten.
De tak werd door de bliksem getroffen terwijl de mannen in het huis waren.
Beim Gewitter gab es lauten Donner und einen hellen Blitz.
Tijdens het onweer was er harde donder en een felle bliksemflits.
Der Blitz schlug in den Baum ein.
The lightning struck the tree.

Details

MeervoudBlitze

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativeder Blitzdie Blitze
genitivedes Blitzesder Blitze
dativedem Blitzden Blitzen
accusativeden Blitzdie Blitze

Ezelsbruggetjes

👁️Stel je een felle, zigzaggende lichtflits voor in een donkere lucht.
👂Zoals het Engelse «blitz» (snelle flits) — denk aan een plotselinge slag.
⚧️der — stel je een sterke mannelijke figuur voor genaamd «Der Blitz» die de lucht treft: mannelijk.

Opmerkingen

Het meervoud is « Blitze ». Vaak gebruikt in samenstellingen (bijv. « Blitzlicht » = flitslicht).

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek