adverb
bijna, nagenoeg, haast
B1
beinahe betekent „bijna” of „nagenoeg”. Het is een bijwoord van graad en geeft aan dat iets net niet gebeurt of geldt, bv. Beinahe hätte ich den Zug verpasst. Het is onveranderlijk en vraagt geen voorzetsel of speciale constructie.
Voorbeelden
Das Ergebnis war beinahe perfekt.
Het resultaat was bijna perfect.
Er war beinahe am Ziel.
Hij was bijna op zijn bestemming.
Der Läufer stürzte beinahe, als er auf nassem Pflaster ausrutschte.
De hardloper viel bijna toen hij uitgleed op het natte trottoir.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een finishlijn voor met iemand die nog maar één stap verwijderd is.
Klinkt als „be near, he” — bijna daar.
Opmerkingen
« Beinahe » en « beinah » zijn in de meeste contexten uitwisselbaar. Gebruik het om aan te geven dat iets heel dicht bij het gebeuren of waar zijn is.