adverb
nu
B1
nun is een bijwoord met de betekenis ‘nu’ of ‘thans’; het markeert vaak een overgang of nieuwe stap in de redenering. Het kan ook zinnen inleiden: ‘Nun, ...’. Onveranderlijk, zonder prepositie, en gebruikt in zowel spreek- als schrijftaal.
Voorbeelden
Nun beginnen wir mit der Aufgabe.
Nu beginnen we met de taak.
Nun blieb den Feuerwehrleuten nur noch, die Evakuierung zu beenden, weil das Feuer sich schnell ausgebreitet hatte.
Nu restte de brandweerlieden alleen nog de evacuatie af te ronden, omdat de brand zich snel had verspreid.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je voor dat de wijzer van een klok eindelijk op het huidige moment landt — dat is «nun» (nu)
klinkt als het Engelse «noon» (een tijdstip)
Opmerkingen
Wordt vaak gebruikt om het huidige moment aan te geven of om een gesprek vooruit te helpen («nu...»).