Automat

noun
automaat, verkoopautomaat, snackautomaat
A1

Automat is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent ‘automaat’ of ‘verkoopautomaat’. Meervoud: Automaten. Het is een zwak zelfstandig naamwoord, dus vaak met -en: dem Automaten, des Automaten. Veel gebruikt in openbare ruimtes.

Voorbeelden

Werfen Sie das Geld in den Automaten.
Doe het geld in de automaat.
Bitte zahle im Automaten und nimm dein Ticket.
Betaal alstublieft bij de automaat en neem uw ticket mee.
Am Automaten bezahlte ein Tourist die Fahrkarte, obwohl der Apparat manchmal kein Geld zurückgab.
Bij de automaat betaalde een toerist het ticket, hoewel het apparaat soms geen wisselgeld gaf.

Details

MeervoudAutomaten

Verbuiging

NaamvalEnkelvoudMeervoud
nominativeder Automatdie Automaten
genitivedes Automatender Automaten
dativedem Automatenden Automaten
accusativeden Automatendie Automaten

Ezelsbruggetjes

👁️een machine waar munten in worden gestopt en waar snacks uit komen
👂geautomatiseerde machine -> automat
⚧️der — denk aan « der Automat » zoals « der Apparat », mannelijk

Opmerkingen

Meervoud: Automaten. Vaak te vinden in openbare ruimtes voor tickets of snacks.

Categorie

Woordenschatverkenner

Gerelateerde woorden

In de buurt in het woordenboek