noun
eetlust, appetijt
A1
Appetit betekent ‘eetlust’ of ‘zin om te eten’, en soms ook figuurlijk ‘belangstelling’. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Appetit. Veelgebruikte combinatie: Appetit auf + accusatief, zoals Appetit auf etwas haben. Bekend uit Guten Appetit!
Voorbeelden
Guten Appetit! - Danke, ich habe großen Appetit.
Eet smakelijk! - Dank je, ik heb veel trek.
Guten Appetit!
Eet smakelijk!
Der Patient verlor den Appetit, weil die Medizin starke Nebenwirkungen zeigte.
De patiënt verloor zijn eetlust omdat het medicijn sterke bijwerkingen had.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een groot bord voor dat je eetlust groter maakt.
der (mannelijk) — onthoud als ‘der Appetit’ (mannelijk).
Opmerkingen
Wordt vaak gebruikt in de vaste uitdrukking ‘Guten Appetit!’. Meestal enkelvoud.