noun
april
A1
April betekent in het Duits de maand april. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der April. Zoals alle Duitse zelfstandige naamwoorden krijgt het een hoofdletter. De meervoudsvorm Aprils komt alleen in bijzondere contexten voor.
Voorbeelden
Im April begann die Firma mit den Renovierungsarbeiten, weil das Wetter milder wurde.
In april begon het bedrijf met de renovatiewerkzaamheden, omdat het weer zachter werd.
Im April beginnt der Frühling.
In april begint de lente.
Im April blühen die Blumen.
In april bloeien de bloemen.
Details
Ezelsbruggetjes
April klinkt als ‘a-prill’ — stel je een pil voor met de lente (aprilse buien).
der (mannelijk) — maanden zijn mannelijk in het Duits (der April).
Opmerkingen
Maandnamen zijn mannelijk in het Duits.