noun
apparaat, toestel, machine
A2
Apparat, der Apparat, meervoud Apparate, betekent ‘apparaat’, ‘toestel’ of ‘machine’. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; genitief enkelvoud des Apparats, datief meervoud den Apparaten. Vooral gebruikt voor technische of elektronische apparatuur.
Voorbeelden
Dieser Apparat ist sehr kompliziert zu bedienen.
Dit apparaat is erg ingewikkeld te bedienen.
Dieser Apparat ist sehr nützlich.
Dit apparaat is erg nuttig.
Der Apparat im Labor misst die Temperatur.
Het apparaat in het laboratorium meet de temperatuur.
Details
Ezelsbruggetjes
Denk aan een logge machine met het label «Apparat» in een laboratorium.
der Apparat — stel je een zware, mannelijk ogende machine voor (der).
Opmerkingen
Formeel woord voor een apparaat of machine; meervoud is «Apparate».