noun
wonder, mirakel
B1
Wunder (das) betekent ‘wonder’ of ‘mirakel’. Het meervoud is gelijk aan het enkelvoud: die Wunder. Genitief enkelvoud: des Wunders. Het woord kan letterlijk of algemener gebruikt worden, bijvoorbeeld in ein Wunder of Wunder wirken.
Voorbeelden
Das Wunder der Natur beeindruckte alle.
Het wonder van de natuur maakte indruk op iedereen.
Das ist ein Wunder.
Dat is een wonder.
Viele hielten die Rettung für ein Wunder.
Velen beschouwden de redding als een wonder.
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een gloeiend object voor met het label ‘Wunder’ dat mensen verbaast.
Klinkt als het Engelse ‘wonder’, wat direct naar één betekenis verwijst.
Das (onzijdig): stel je een neutraal magisch object voor — ‘das Wunder’ — om het onzijdige lidwoord te onthouden.
Opmerkingen
Wunder kan een bovennatuurlijk mirakel betekenen of een algemeen gevoel van verwondering. Meervoud is «Wunder» (onveranderd).